Portretten uit Toscane: Ontdek de Regio via de Verhalen van Locals

Kun je een plek écht leren kennen zonder contact te maken met de mensen die er wonen? In heb onlangs gemerkt dat ik nog een paar belangrijke reislessen heb moeten leren. Natuurlijk blijft het leuk om de beroemde bezienswaardigheden te bezoeken, maar de laatste tijd merk ik dat mooiste reisherinneringen eigenlijk niks te maken hebben met iconische gebouwen. In plaats daarvan zijn het vaak de gesprekken met de vriendelijke vreemdelingen die ik tegenkom. Het zijn tenslotte de mensen die een plek tot leven laten komen.

Eerder dit jaar kreeg ik de kans om Toscane voor de allereerste keer te bezoeken. Ik moest meteen denken aan de typische associaties: historische architectuur, metershoge cipressen en groene glooiende heuvels. Ik had duidelijk al een plaatje in gedachten, maar na een paar dagen in de regio was mijn idee van Toscane al voorgoed veranderd. Allerlei gezichten en stemgeluiden vullen mijn verse herinneringen, en die ontmoetingen wil ik heel graag met jullie delen. Met deze portretten uit Toscane deel ik hoe ik de regio via de verhalen van locals ontdekt.

Portretten uit Toscane

Bebe poses with his mural in Lajatico

Bebe

We begonnen onze reis in het rustige dorpje Lajatico. Het dorp is niet heel populair onder toeristen, maar staat wel bekend om één ding: Lajatico is de geliefde geboorteplaats van Andrea Bocelli. Twee oudere heren op het kleine stadsplein keken hoe we uit de auto stapten. We moeten vast en zeker een apart gezicht zijn geweest: een stel journalisten met grote camera’s die hun vredige dorpje komen verstoren. Toen we rondliepen kwam een ​​oudere man met een ondeugende twinkeling in zijn ogen ons tegemoet.

Een oudere man met een ondeugende twinkeling in zijn ogen kwam ons tegemoet. Hij pakte mijn arm vast, bracht me naar een huis verderop in de straat en wees vol trots naar een garagedeur.

Ik kon geen woord verstaan ​​van wat hij zei (vooral omdat ik geen Italiaans spreek), maar het was duidelijk dat hij me iets wilde laten zien. Hij pakte mijn arm vast, bracht me naar een huis verderop in de straat en wees vol trots naar een garagedeur. Ik kon mijn ogen nauwelijks geloven, zag nou ik dubbel? Wat bleek: deze goedlachse kerel heeft gewoon zijn eigen muurschildering! Als dat niet #lifegoals is, weet ik het ook niet meer. Zijn bijnaam was Bebe, en ik weet zeker dat ik zijn glimlach never nooit ga vergeten.

Alabaster sculptors in Volterra

Alabaster studio in Volterra

Roberto en Giorgio

Onze volgende stop in Toscane was het mooie Volterra, een charmant stadje met een eeuwenlange geschiedenis van Etruskische, Romeinse en middeleeuwse verhalen. De geografische locatie van Volterra, bovenop een heuvel, biedt meer dan alleen panoramische vergezichten op het Toscaanse platteland. De lokale albaststeen, bijna transparant wit van kleur, wordt al duizenden jaren gebruikt om heilige voorwerpen en kunstwerken te maken. Zelfs de oude Etrusken gebruikten de steen om urnen te maken. Helaas werd de beeldhouwambacht van albaststeen bijna helemaal vergeten tijdens de middeleeuwen.

De beeldhouwambacht van albaststeen werd bijna helemaal vergeten tijdens de middeleeuwen, maar ‘bijna’ is hier het sleutelwoord.

Toch is ‘bijna’ hier het sleutelwoord. Vandaag de dag overleeft de ambacht in Volterra. Giorgio Finazzo en Roberto Chiti zijn gespecialiseerde meester-beeldhouwers die nog steeds in hun Alab’arte atelier werken. Het was een eer om hun studio te bezoeken en te zien hoe ze stukken steen binnen no time transformeerden in tijdloze meesterwerken. Alles was bedekt met een laag wit stof en het voelde bijna alsof je een ruimte in de buitenwereld binnenstapte. Vlak voor onze ogen creëerde Roberto een elegant, doorzichtig schaaltje. Dat duurde niet veel langer dan een kwartier.

Reka shows a giant piece of pasta

Reka

Als je in Italië bent, moet je natuurlijk pasta eten. Heel veel goede pasta. Ik denk dat we het daar allemaal mee eens kunnen zijn. In Volterra schoven we ’s avonds aan een tafel bij Ristorante da Beppino. Het ‘van boer tot bord’ restaurant gebruikt lokale ingrediënten en een groot deel van het vlees wat op je bordje ligt, komt van hun eigen dieren. Na een heerlijk diner (dat de drie gangen makkelijk passeerde) was het bijna middernacht. We maakten aanstalten om terug te keren naar ons hotel, maar het personeel vroeg ons of we hun kleine pastafabriek (pastificio) nog even wilden zien. Het bleek dat we een geïmproviseerde pastales zouden bijwonen, midden in de nacht (only in Italy)!

In de pastificio stond Reka Sumegh (@foodieintuscany) al op ons te wachten. Ze begon enthousiast te vertellen hoe ze hun eigen pasta, gnocchi en ravioli maken in hun ‘laboratorium’, waar ze ook regelmatig kooklessen geeft. Ze leek een echte expert te zijn, vooral toen ze ons de ins en outs vertelde over allerlei soorten pasta, waaronder de allergrootste die ze had gemaakt: caccavella (foto).

Kun je je voorstellen hoe verbaast ik was toen ze ons vertelde dat ze pas een miezerig jaartje bij het team zat! Reka verhuisde onlangs van Boedapest naar Toscane en ruilde haar voormalige carrière als advocaat in voor een leven als culinaire koningin. Voor Reka was de verhuizing naar Italië vast en zeker de juiste beslissing. Pasta is misschien een simpel gerecht in de rest van de wereld, maar in Italië is het een volwaardige cultuur.

+  Waarom saaie plekken zo belangrijk zijn

Enzo Scuderi in his studio, a former church in rural Tuscany

Enzo shows his art works, painted roof tiles

Enzo

Na een paar dagen in Volterra wees ons kompas naar het zuiden. We reden een paar uur door het platteland, dwars door het heuvelachtige landschap, toen we plotseling naast een kleine kerk bij Pomarance parkeerden. Eerlijk gezegd vond ik de uitdrukking “in the middle of nowhere” het meest toepasselijk. We liepen naar de kleine kerk en een oudere man met een geel montuur en een blauwe schildersjas verwelkomde ons met een glimlach. We waren aangekomen bij het huis en atelier van Enzo Scuderi.

Zo zie je maar, er was een goede reden voor deze landelijke locatie. Ongeveer 25 jaar geleden besloot Enzo om zijn leven te keren. Hij werkte al jaren als telefoonontwerper in Milaan toen zijn relatie op de klippen liep. Enzo besloot dat hij zichzelf opnieuw moest uitvinden, en dat er geen beter moment zou komen om zijn leven volledig aan zijn kunst te wijden. Hij vond een verlaten kerk op het Toscaanse platteland en besloot het historische pand tot zijn persoonlijke studio te maken.

Ongeveer 25 jaar geleden liet Enzo Scuderi alles achter. Hij was een telefoonontwerper in Milaan, maar besefte dat hij een totaal ander leven wilde.

Bloemen worden Geboren uit de Mest

Het kostte Enzo een paar jaar om zijn eigen draai te vinden, maar toen dat lukte, begon hij meesterwerken te creëren. In tegenstelling tot de meeste schilders is het canvas dat Enzo gebruikt geen geweven stuk stof. In plaats daarvan werkt hij het liefste met typische dakpannen. Omdat de unieke patronen op de tegels zijn composities altijd inspireerden, werd Enzo’s proces al snel een conversatie tussen hemzelf en zijn tegels. Als een kunstenaar die met dakpannen werkt, legde hij uit, heeft hij zelfs te maken met ongemakkelijke goedjes als vogelpoep. Dat heeft hem geholpen te begrijpen dat “bloemen uit mest worden geboren”, zei hij: een regel die hij citeerde uit een van de songteksten van Fabrizio de André.

Tegenwoordig is Enzo een gerespecteerd kunstenaar. Nee, hij heeft geen miljoenen verdiend door onafhankelijke kunstenaar te worden, maar het heeft hem geleerd niet meer te haasten. Laat de dingen langzaam groeien, in hun eigen tempo, en het werkt vanzelf. “Ontdek wat goed voelt om je eigen tempo te vinden”, legde hij uit, “dan kun je je eigen weg kiezen en de waarde van een dagelijks ritme waarderen”.

Mary and Nonna Anna preparing pasta and biscotti

Nonna Anna kneads the pasta dough

Mary en Nonna Anna

De volgende bestemming lag slechts op een paar kilometer afstand van het atelier van Enzo. Het was tijd om te lunchen, en we werden verwacht bij Ristorante Ciriso voor onze pasta workshop. We renden door de regen en vonden een schuilplaats in de keuken, waar chef-koks Mary Novelli en haar moeder Nonna Anna ons vriendelijk verwelkomden. Er was geen tijd te verliezen, dus we gingen meteen aan het werk. Nonna Anna liet ons zien hoe ze de pasta helemaal zelf maakt. Geen gedoe, alleen eerlijke ingrediënten en een ervaren paar handen om het deeg tot in de perfectie te kneden.

Recepten alla Nonna Anna

Nonna Anna verdeelde het deeg en sneed de stukken vakkundig in platte stukjes pappardelle pasta. Na het recept van Nonna Anna veranderde deze pappardelle pasta in Nannardelle alla Nonna Anna. De vers bereide pasta was nog niet helemaal klaar voor onze lunch, maar er was geen reden om ons zorgen te maken: het moeder-dochterduo had al meer dan genoeg hapjes klaargemaakt voor een machtig middagmaal.

De kenmerkende saus van Nonna Anna bestond uit verse stukjes Toscaanse worst, Pachino-tomaten en gebakken ui. We besloten unaniem dat dit waarschijnlijk de beste pastaschotel was die we ooit hadden geproefd.

Onze eerste pastaschotel heette Chitarrina alla Nonna Anna, een dunnere pastasoort die op gitaarsnaren lijkt. De pasta was bedekt met de kenmerkende saus van Nonna Anna: verse stukjes Toscaanse worst, Pachino-tomaten en gebakken ui. Dit is geen overdrijving, maar we hebben unaniem besloten dat dit waarschijnlijk het beste pastagerecht was die we ooit hadden geproefd.

Allesandro and Carlo Staccioli show their wares

Alessandro en Carlo

Toen we steeds verder van Pomarance wegreden, kwamen we dichter bij de Toscaanse kust. We kwamen al snel aan in Monteverdi Marittimo, een klein stadje op een heuveltop dat uitkijkt over rivieren, bossen en wijngaarden. Maar de uitzichten waren niet de enige reden voor ons bezoek. We gingen Mucci & Staccioli bezoeken, een traditionele Toscaanse delicatessenzaak met een oorsprong in 1850. Van buiten ziet de winkel eruit als elke normaal Italiaans winkeltje. Zodra we de winkel binnenkwamen, werd echter duidelijk dat dit geen gewone deli was.

+  Een Liefdesbrief aan Rome

Stemmen zoals Operazangers

De broers Alessandro en Carlo Staccioli waren hard aan het werk en bewogen zo snel als een wervelwind. Ze prezen hun waren aan met stemmen die me deden denken aan getrainde operazangers. Alessandro had de leiding over de kaascollectie en hij nam ons mee naar een kleine kelder. De kelder was gevuld met allerlei soorten kaas, evenals een opgezet schaapje met een bel om zijn nek. Alessandro gaf ons het ene stukje kaas na het andere, en ik kon niet eens snel genoeg kauwen om alle verschillende smaken bij te houden. Voordat ik het wist, werden we naar de vleesafdeling geleid, en nu liet Carlo ons allerlei worsten zien terwijl hij vliegensvlug plakjes uitdeelde.

Het gerucht doet te ronde dat wanneer de broers eenmaal hun werkkleding uittrekken, ze eigenlijk hele rustige en introverte persoonlijkheden hebben.

Terwijl mijn handen glibberig waren geworden van de stukjes kaas en vlees probeerde ik snel een paar foto’s te maken van de beweeglijke broers. Het was een echte uitdaging om een scherpe foto te maken. Het voelde bijna alsof ik een soort theaterstuk aan het kijken was. Grappig genoeg doet het gerucht de ronde dat zodra de broers hun werkkleding uittrekken, ze eigenlijk hele rustige en introverte persoonlijkheden hebben.

Flavio shows a piece of ancient pottery while smiling

Flavio

De meest zuidelijke bestemming op onze route in Toscane was Populonia: een oude stad die bloeide tijdens de Etruskische en Romeinse tijdperken. Tegenwoordig is het een stuk kleiner, niet meer dan een charmant gehucht. We fietsten langs de stranden van de Golf van Baratti en bereikten het archeologische park, waar museumgids Flavio Bacci al op ons wachtte. Hij bracht ons eerst naar de oude acropolis, het centrale deel van wat ooit een regionaal Romeins knooppunt was. Populonia had ooit een bevolking van 20 000 burgers en slaven, een hele grote stad voor die periode in de wereldgeschiedenis.

Flavio vertelde ons dat hij naast zijn functie als museumgids ook werkt als een plaatselijke archeoloog. Hij legde uit dat de opgravingen die nog moet worden gedaan een enorm aantal is. Het zal waarschijnlijk nog 300 jaar duren voordat ze alles hebben gevonden dat in de bodem verborgen ligt. Overal waar we kwamen lagen nog steeds kleine stukjes vazen, dakpannen, mozaïek en zelfs menselijke botten. Al die overblijfselen zijn minstens 2500 jaar oud. Het ligt allemaal geduldig te wachten.

Het zal waarschijnlijk nog 300 jaar duren voordat ze alles hebben gevonden dat in de bodem verborgen ligt. Overal waar we kwamen lagen nog steeds kleine stukjes vazen, dakpannen, mozaïek en zelfs menselijke botten.

De Dodenstad

Vervolgens wees Flavio ons de weg naar de oude necropolis, de ‘dodenstad’ waar de Etrusken en Romeinen hun geliefden begroeven. We moesten hurken om de kamers van de grotere grafheuvels te bereiken. Hele gezinnen werden in deze oude bouwwerken ten ruste gelegd. Het voelde bijna onwerkelijk om op dezelfde plek te staan waar mensen duizenden jaren geleden afscheid hebben genomen van hun familieleden.

Kort daarna was het voor mij ook tijd om afscheid te nemen van Toscane. Terwijl ik mijn tas aan het inpakken was, besefte ik dat ik nog zoveel te ontdekken viel. Al na een paar dagen voelde het alsof ik genoeg inspiratie had opgedaan om drie weken aan artikelen te schrijven. Ik heb maar heel even met al deze mensen gepraat. Toch voelde het alsof ik al zoveel had mogen leren over hun dagelijkse leven. Uiteindelijk vind ik dat het meest fascinerende aan reizen: ontdekken wat voor levenspaden andere mensen bewandelen.

Dit artikel is in samenwerking met IDEM Servizitalia geschreven, i.o.v. Toscana Promozione.

Like
2

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.